‘Investeren in inzet en expertise van werknemer loont’

25-07-2013

Maarleveld & Partners ondersteunt van harte het pleidooi van hoogleraar Beatrice van der Heiden. Wij geloven dat mensen de kracht van een organisatie bepalen. Onze Organization Health Check begint met mensen en eindigt met mensen. De ontwikkeling mens staat centraal in onze adviespraktijk.
 
NRC handelsblad:
Van een omwenteling wil ze nog niet spreken, maar Beatrice van der Heiden, hoogleraar ‘strategic human resource management’, is wel “zeker aangenaam verrast” door afspraken die vakbonden en werkgevers hebben gemaakt over de “duurzame inzetbaarheid van alle werknemers – zowel jong als oud. Volgens een weinig opgemerkte passage in de afspraken – basis voor het sociaal akkoord met het kabinet – willen de sociale partners hun gemeenschappelijke verantwoordelijkheid hiervoor in het Burgerlijk Wetboek vastleggen in de bergrippen ‘goed werkgeverschap’ en ‘goed werknemerschap’.
 
Al sinds de jaren negentig doet arbeids-en organisatiepsychologe Beatrice van der Heijden  onderzoek naar employability; de duurzame inzetbaarheid van werknemers. Bij employability gaat het niet alleen om vaktechnische expertise, maar ook om flexibiliteit en motivatie om op veranderingen in het werk te anticiperen, om sensitiviteit om samen te werken en om balans tussen werk en privé.
 
Uit een van haar onderzoeken blijkt dat veel managers veertigers als ‘oud’ beschouwen – juist nu de AOW-leeftijd naar 67 gaat. “Managers kunnen niet rekenen”, liet van der Heiden zich al eens ontvallen. De praktijk van human resource management staat volgens haar dan ook “nog heel ver af” van de mooie voornemens uit het sociaal akkoord.
 
“Het heeft te maken met het karakter van leiderschap. Managers zijn erop gericht om – net als een citroen die je uitknijpt – de kennis en de vaardigheden van mensen op te gebruiken in de tijd dat ze voor hen werken. Het topmanagement rekent het leidinggevend middenkader bovendien af op de prestaties hier en nu. Dus is de chef geneigd om mensen op die projecten te zetten waar ze vorig jaar al goed in waren. De klant vraagt daar ook om: ik wil die ingenieur van vorig jaar weer, want die scoorde zo goed. Maar op het moment dat dit type werk niet meer wordt gevraagd wordt, zijn die mensen over gespecialiseerd en niet meer breed inzetbaar.”
 
“Als het topmanagement in de beoordeling van het middenkader zou inbouwen de mate waarin medewerkers over drie tot vijf jaar nog inzetbaar zijn en het middenkader daarop zou afrekenen, dan zou er meer in employability worden geïnvesteerd. Maar probleem is ook dat de gemiddelde verblijfstijd van de chef – dat heb ik twintig jaar onderzocht – heel kort is; drie tot vier jaar, en bij sommige bedrijven zelfs maar twee tot drie jaar.”
 

Nieuwsbrief